cafe de Spanjaard

Geplaatst door Jos ma, november 16, 2015 13:31:05

Mijn wekker liep af omstreeks vijf, nog half slapend gaf ik de wekker een ferme tik waarna deze nog na rinkelend op de beige slaapkamer mat viel. Stilaan wakker wordend realiseerde ik me dat er vandaag een belangrijke klus op me wachtte, dat wordt stressen vermits ik ook mijn vrouwelijke collega P nog zou oppikken. Daarna richting Molenbeek, waar we ons bij onze collega rechercheurs voegen.

Dit voor een reeds lang geplande inval in cafe ‘De Spanjaard’, een echt terroristen hol.

Tijd voor een wasbeurt ontbrak, in de badkamer greep ik naar de deodorant voor een snelwasje, enkele spuitjes parfum onder iedere oksel en ik voelde me een ander mens. Trok een pak biscuits open en maakte me gelijk de bedenking dat ik evengoed al rijdend kon ontbijten, nam nog snel een cola uit de ijskast. Trok mijn Levis jeansbroek van de stoel, nam mijn zwarte kousen die op de radiator hingen te drogen – vanwege mijn niet aflatende zweetvoeten. Zocht mijn bruine lederen schoenen en vond ze op de gebruikelijke plaats onder het bed. Deed mijn ietwat gebleekt blauw T-shirt aan en nam mijn zwarte leren jekker uit de kast. Terwijl ik de deur van mijn appartement afsloot rinkelde mijn smartphone, het was P, ze vroeg zich af waar ik bleef, ‘ja, ja ik kom eraan, binnen tien minuten ben ik bij je’ zei ik.

Ik startte mijn veertig jaar oude gele Datsun 120A en met een biscuit in mijn linker mondhoek vertrok ik met gierende banden richting Zwijndrecht. Twee straten verder keek ik naar de passagierszetel en zag dat ik mijn revolver en holster vergeten was ‘verdomme’ riep ik pissig. Ik draaide bruusk mijn stuur naar links en trok de handrem op voor een razendsnelle slippende honderdtachtig graden omkeer.

Plots zag ik het felle licht van een vrachtwagen die op me af kwam. Een ongeval was onvermijdelijk en vol in de remmen werd ik met een hevige klap aangereden, versuft kwam ik bij, nog zittend in mijn vernielde Datsun. ‘Ik moet P bellen’ zei ik hardop en nam mijn mobieltje uit mijn lederen jekker en draaide 0474……9

Plots hoorde ik een luide vrouwenstem en keek op. Ik bleek zwetend rechtop in bed te zitten. P stond in de slaapkamer met haar mobieltje in de hand ‘Wat is hier allemaal gaande en waarom bel jij me midden in de nacht?’ een stuk Choco-Prince plakte in mijn linker mondhoek, een opengemaakt blikje cola in mijn linkerhand en mijn nog bellende smartphone in de rechterhand. Ze nam de cola, mijn GSM en trok het stukje biscuit uit mijn mond waarna ze me onderstopte. Ik zei haar dat ik aan het dromen was. Terwijl ze het licht uitdeed zei ze lief ‘droom maar verder Louke’.

Het was iets na negen toen ik opstond en de geur van verse koffie volgde. Patricia zat reeds aan de keukentafen en vroeg me ‘al wakker’ ik antwoorde dat ik nogal een woelige nacht had. Wat minder Baantjer boeken lezen en je niet zo laten meesleepen door de gebeurtenissen in Parijs zei ze. Ik pakte het potje -Weyns- honing en smeerde een licht grof sneetje brood waarna ik aan mijn koffie nipte, wow, die is nog heet. Beet in mijn boterham en zei dat ik meer problemen had verwacht van die drie laatste bestralingen vermits die toch honderd procent gericht waren op mijn endeldarm. Patricia antwoordde me dat dit toch wel de plaats is waar de tumor zich bevond. ‘Inderdaad’ beaamde ik haar ‘Sinds twee dagen voel ik me ook stukken beter en gebruik geen pijnstillers meer. Toch is het beter om niet te ver van een toilet weg te wandelen zei ze. ‘Dag na dag zal het wel beteren’ zei ik maar ‘één a twee maal per dag een toiletbezoek plegen zoals het voor de meeste mensen geldt zal voor mij altijd wel een utopie blijven’. Maar ja zei ze nog ‘je ben nog steeds strijdbaar en dat is geen slecht teken voor een Belgische rechercheur’.

Nog een paar van zulke spannende dromen en ik ben weer de oude!

Jos

Lees verder: interview